Alle downloads
Aantal downloads: 512
Bestanden:

Hebr.2:5-18 De Heer Jezus, de Zoon van God is Zoon des mensen geworden om voor ons te kunnen sterven, de dood van haar macht te ontroven en de mens te kunnen herstellen naar zijn oorspronkelijke roeping als heerser over deze aarde. Dit zal hij kunnen doen vanwege zijn verbondenheid met de laatste Adam die een eeuwige heerschappij zal hebben.

We luisteren naar de waarschuwende en aansporende woorden van de schrijver van de Hebreeënbrief.

Het oude verbond stopte bij de dood en de opstanding van de Heere Jezus . Het nieuwe verbond wordt gekenmerkt door vergeving van zonden die tot stand is gekomen door Zijn werk. Al onze zonden zijn weg gedaan! Wij leven onder het nieuwe verbond en hebben kennis en gemeenschap met onze Heer. (Matt 26:26-28)

In deze lezing wil ik u meenemen naar een van de centrale kenmerken van de brief. Vanuit het langste citaat uit het OT laat de schrijver zien dat God al lang geleden een nieuw verbond beloofd had. En dit is een verbond waarvoor de Heer Jezus borg staat door zijn bloed. Het verbond wordt gekenmerkt door wedergeboorte, kennis van de Heer en volledige vergeving van zonden. En daarmee werd het oude verbond terzijde gesteld.

De schrijver van de brief laat aan de lezers zien dat het offer van de Heer Jezus superieur is aan alle offers van het oude verbond. Maar ook laat hij daarmee zien dat er zoveel offers waren vanwege de vele verschillende facetten van het offer van de Heer. Het verlost ons van de zonde, het reinigt ons van een zonde-geweten waardoor we vrijmoedig kunnen en mogen naderen tot God Zelf in het hemels heiligdom. Het offer van de Heer, waardoor Hij Zijn bloed gaf in plaats van ons leven is de herdenking van het grote verlossingswerk dat Hij volbracht heeft.

Heb.10:1-25 Hoewel God de dierenoffers in het oude testament geboden had, had Hij daar toch geen behagen in. Ze konden niet werkelijk de zonden wegnemen en ook de offeraar had maar zeer kortstondig baat bij de vergeving. Uiteindelijk waren het ook alleen typen van het offer van de Heer Jezus. Het offer van Zijn lichaam, gebracht in liefdevolle gehoorzaamheid aan Zijn Vader, heeft daadwerkelijk de zonden weggenomen. En dit geeft ons volle vrijmoedigheid om tot God in de hemel te naderen. Het zondeprobleem is opgelost; de vergeving volkomen en eens en voor altijd.

In dit gedeelte roept de schrijver de gelovigen op tot standvastigheid in het geloof. Zij hadden in het verleden veel geleden maar hadden door het verlies van moed de neiging het geloof te verlaten en de Heer te loochenen. Hij roept hen echter op vast te houden omdat volharding in het geloof nu juist het centrale kenmerk van een leven is waarin God een welbehagen heeft. Hij zal vervolgens aan de hand van de galerij der geloofsgetuigen laten zien dat God achter de gelovige staat. Verder gaat hij hier in op de vraag wat dan precies dat geloof inhoudt om te eindigen dat het juist de Heer Jezus is die ons in dat geloof is voorgegaan en Die ook de Inhoud van dat geloof is.