Hebreeën 3:7-4:13
In de gemeenschap van Joden die de schrijver aanschreef waren er mogelijk mensen die afhaakten te geloven in Jezus Christus ondanks het apostolisch getuigenis. Ook waren er die het evangelie wel gehoord hadden maar er niet in geloofden. Zij deden hetzelfde als de generatie die tijdens de exodus uit Egypte verlost waren; zij hechten geen geloof aan Gods Woord. Aan de hand van de geschiedenis in Exodus en Numeri waarschuwt de schrijver hen dat zij dreigen achter te blijven (in de woestijn) en niet in te gaan in de beloofde rust.
Ook voor ons geldt dat we de boot kunnen missen als we in ongeloof reageren op wat God gesproken heeft. Daarom zouden we elkaar aanmoedigen, vertroosten en aansporen om ons toe te wijden aan onze hemelse Heer.
Zijn wij in de duisternis of in het licht en heeft dat voor ons consequenties?
Het thema van dit hoofdstuk is blijdschap. Elk vers heeft daarmee te maken. En die blijdschap doet ons vaststaan in de Heer.
Een preek over de verdrukkingen
In Hebreeën 4:14-6:3 vinden we de inleiding tot een van de hoofdthema's van de brief: het hogepriesterschap van Christus. In dit gedeelte zal de schrijver ons laten zien dat we een hogepriester nodig hebben als volk in de woestijn. Vervolgens laat Hij enkele overeenkomsten en contrasten zien tussen Christus en Aaron. Daarna toont Hij ons dat Christus door de Vader "eigenhandig" is aangewezen en begroet als hogepriester naar de orde van Melchizedek. Hij zou nu direct door willen gaan naar de essentie van dat hogepriesterschap maar zal eerst stil staan bij de geestelijke stilstand van zijn publiek. Er was een gevaarlijke dieptepunt in hun geestelijk leven waar hij hen graag snel uit wilde krijgen alvorens door te gaan naar de inhoud van dat priesterschap.
De schrijver zou in deze hoofdstukken graag verder gaan met de beschrijving van de superioriteit van het hogepriesterschap van de Heer Jezus boven dat van Aaron. Helaas laat hun geestelijke gezondheid niet toe dat hij hiermee direct verder gaat. Hij waarschuwt hen eerst voor wat er kan gebeuren wanneer zij terug zouden keren naar het Jodendom. Mogelijk zou God hen niet langer toestaan de weg van de volmaaktheid van het werk van de Heer te gaan. Maar gelukkig heeft de schrijver goede hoop en spoort hen aan in geloof en geduld verder te gaan. Om hen te laten zien dat de Heer in alles een beter hogepriester is dan dat van het Levitische priesterschap vertelt hij hen de betekenis van Genesis 14 waar de wonderlijke persoon en geschiedenis van Melchizedek tegenkomen.